VLUCHTRAPPORT

Lasham 13 okt. 1943. 320 Squadron R.D.N.A.S. A 1. Vliegopdracht aan A en B Flight. Opdracht: Ramrod (stootijzer) Operatie no. 7. 12 Bemanningen van Mitchell-vliegtuigen, geleid door Wing Commander Lynn, wordt opdracht gegeven het Grand Queville krachtstation bij Rouen aan te vallen. Tijd van aanval 18.15 uur. Hoogte 1000- 10300 feet. Aantal en gewicht af te werpen bommen 48 X 1000 L.B.S. M.C. 0.25 TD.f Starttijd A Flight 17.08 uur. Starttijd B Flight 17.15 uur. Resultaat: Vele ontploffingen werden waargenomen in de Rivier de Seine langs de westelijke en transformer krachtstation. Aanslagen werden waargenomen in de omgeving van het doel. Weersgesteldheid boven doel: Geen bewolking. Zicht 10-15 mijl.

Bijzonderheden: Er werden geen vijandelijke jachtvliegtuigen waargenomen. Wel echter werd afweervuur ondervonden van vijandelijke batterijen, hetgeen zwaar, doch onnauwkeurig gericht was. Tevens werd vrij veel luchtafweervuur gezien. Bij het terugkeren van het Franse doelgebied en het passeren van de Franse kust werden Mitchells beschoten door zwaar afweergeschut, hetgeen nauwkeurig gericht was. Eén vliegtuig werd licht beschadigd door kogels in de romp.

Het escorte bestond uit 4 Squadrons Spitfires V en IX (waarschijnlijk het 322 Squadron, wat bestond uit Nederlandse jachtvliegers van de luchtmacht de Soesterbergers). Plaats Rendez-Vous. Reye.

Follie Bouma vloog in de Fr. 165S met aan de stuurkolom A. van Amsterdam, 2e Vlieger-observer F. Bouma, sgt. vl. tel. Anemaet, kpl. Vl schutter Weysters.

De Mitchell Fr. 165 S startte om 17.09 uur voor deze operatie in de B Flight en landde om 19.04 u.

In dezelfde groep van 6, die zich tijdens de aanval dicht naast- en achterelkaar schaarden, de Fr. 144 B Capt. ovl. II De Liefde, Fr. 165 S Capt. ovl. II Van Amsterdam, Fr. 174 K Capt. ovl. II v. Dieren, Fr. 149 D Capt. ovl. II v. d. Wolf, Fr. 143 A Capt.ovl. II Voorspui, Fr. 162 P H. A. Milton. In de A Flight voor deze trip vlogen de Mitchells Fr. 156 V, Fr. 178 W, Fr. 157 X, Fr. 146 O, Fr. 142 F en Fr. 151 C.

De Mitchells voerden als registratie de letters N-0 op de romp met de R.A.F. Roundels, het serienummer begon met FW of FR, terwijl naast het bekende oranje driehoekje op de rompneus ook nog een letter was. Voorbeeld: bij de staart stond FR 142, op de romp N-O met R.A.F. Roundel, op de neus oranje driehoek en letter F, de F had de naam en bloem Margriet op de neus geschilderd staan. Dan was er de Hollandse Nieuwe, De ouwe jongens, Volendam enz. Tevens een aantal geschilderde bommen, die voor iedere bom een aanvalsvlucht aangaf.

OPERATIE KRUISBOOG

Adolf Hitler dreigde in dit jaar met een nieuw geheim wapen, waarmede hij heel Engeland radicaal zou verwoesten. De Britse geheime dienst beschikte over inlichtingen, dat het deze keer geen bluf was van Hitler, die hier doelde op de VI en VII installaties, waarvoor vele lanceerplaatsen in de bossen van Frankrijk waren geplaatst. Het werd o.a. een taak van 320 Squadron deze nauwkeurig in kaart  gebrachte lanceerinrichtingen te gaan vernielen. "De operatie Kruisboog” begon, Follie Bouma vloog in de FR 143 A op 10 november naar Audingham, met escorte van Spitfires. Door slecht zicht bombardeerde de F 143 A niet en de VI katapult bleef voorlopig ongeschonden.

Op 23 en 26 nov. vloog Follie in de FR 142 F (Margriet) bij aanvallen op de lanceerbases in Martinvast Op 25 okt. 1943 trok het 320 Squadron naar het vliegveld Poulmie, nabij Brest, om dit door de Duitsers gebruikte vliegveld met de grond gelijk te maken. De 12 Mitchells hadden ieder 8 bommen van 240 kg. per stuk in de bommenluiken. Nog voor er werd gebombardeerd werden twee Mitchells neergeschoten. De Squadron commandant, overste Eddy Bakker vloog in de FR 178-W, welke een voltreffer van de Flak kreeg en in de lucht, door het exploderen van de bommenlading, uit elkaar klapte.Een Engels geïllustreerd weekblad wijdde aan het omkomen van deze 34-jarige eminente leider een reportage.

DUNSFOLD

In februari werd 320 Squadron overgeplaatst naar Dunsfold, een nieuw R.A.F.-vliegveld, met onderkomens ovaal van vorm en gemaakt van gegolfd plaatijzer. De sterkte van het Squadron is 12 Mitchells. Van hieruit worden nog verschillende vluchten gedaan naar Frankrijk, totdat op 1 juni 1944 alle Mitchells order krijgen "aan de grond te blijven”. De vaag gecamoufleerde kisten kregen opvallende zwarte en gele strepen op romp en vleugels geschilderd. (Dit waren de invasiestrepen ter onderscheiding voor de eigen luchtafweer).

3 Juni 1944. De Squadron-commandant meldde het 320 Sqd. vliegklaar en in uiterste staat van paraatheid. De vliegers slapen gekleed op bed.

4 Juni 1944. Het weer werd slechter, doch de paraatheidsgraad bleef gehandhaafd.

5 Juni 1944. Regen en wind en afnemende maan.'s Avonds 1 uur alarm. De vliegers snelden naar de briefingroom, alwaar de Squadroncommandant mededeelde, dat over een uur de Operatie "Overlord” zal aanvangen. (Overlord: code voor de invasie in Normandië). Wing cmdr. Lynn geeft de volgende opdracht. Ter ondersteuning van de landende troepen geschuts- en mitrailleuropstellingen bij de Atlanticwal in Normandië vernietigen. Starttijd is bepaald op 6 juni te 's morgens 5 uur. na een hazeslaapje zijn de vliegers op de vastgestelde starttijd present en hebben op de heenreis met harde tegenwind en regen te kampen. De Mitchells hebben weinig last van afweervuur en doen het nawerk, wat de Engelse en Amerikaanse bommenwerpers, die enkele uren eerder gestart waren, lieten liggen. Allen keerden behouden op Dunsfold weer, terwijl de Navy nu de Atlanticwall in puin probeerde te schieten. Nauwelijks aan de grond wachtte Follie en zijn makkers een nieuwe opdracht: Breng een batterij kanonnen tot zwijgen achter het strand bij Normandië, in de rotsen verscholen. Alhoewel het afweervuur heviger was dan enkele uren terug, kwam 320 Squadron er op die dag zonder verliezen af en vloog liefst vijf operationele vluchten. Twee dagen na de invasie een vluchtopdracht. Terwille van veldmaarschalk Montgomery moeten enkele geschutsopstellingen bij Caen het zwijgen worden opgelegd. Het wordt een precisiebombardement, wat vele levens zal kosten. Op weg naar dit doel raakten nog boven Engeland twee Mitchells elkaar met de vleugels, de FR 150 en FR 180, en stortten neer. Bij het doel was weinig afweervuur, maar de FR 179 werd neergeschoten. Deze aanval kostte dus aan 12 mensen het leven. Op de 1Oe juni een precisiebombardement op de staf van de 21e pantserdivisie in La Caine, waarbij de gehele staf, waaronder generaal-majoor Ritter von Elber Dawams, omkwam. Op de 20e juni een aanval op Chateau d’ Ansenne. Twee Mitchells gingen verloren, waaronder de FR 151 C.

ZWARE VERLIEZEN VOOR 320 SQUADRON

Op de avond van de 22ste juni hangt op Dunsfold het rood, wit en blauw halfstok. Van de 12 Mitchells,die die dag een  precisiebombardement moesten uitvoeren bij Caen, gingen er drie verloren, wat 12 mensenlevens kostte. De neergeschoten Mitchells werden dezelfde dag weer aangevuld, evenals het vliegend personeel wat dan uit buitenlanders, o.a. België, gerecruteerd werd.

Op 26 juni deed 320 Squadron mee aan een massale aanval op Fontainebleau waar de benzineopslagplaatsen onder handen werden genomen. Eén Mitchell keerde niet terug.

DE FW 258-G KEERDE NIET TERUG

Door de zware verliezen bij het 320 Squadron werden bemanningen en materieel bijna dagelijks aangevuld. Zo ontving het 320 Squadron op 14 aug. de Mitchell FW 258-G. Na inspektie moet de staart gewijzigd worden. Na wijziging staart de FW 258-G operationeel. Na 5 vluchten naar Frankrijk zou de FW 258-G worden neergeschoten, met aan de stuurkolom 1e luitenant-vlieger Follie Bouma, die toen juist 24 jaar was en 10 maanden getrouwd. Door de welwillende medewerking van het Bureau Maritieme Historie in Den Haag zijn wij in staat gesteld de korte operationele periode van de FW 258-G op te tekenen.

14 aug. 1944. Operatie no. 192 Dunsfold,

Opdracht: Bemanningen van 10 Mitchell-vliegtuigen werd opgedragen: "Strongpoint V 145469” (code) te bombarderen.  Resultaat: Een goede concentratie bomaanslagen werd waargenomen in het doelgebied. Paarse rook werd duidelijk waargenomen. Na het bombardement een zware ontploffing, welke later gevolgd werd door een nog heviger ontploffing. Bijzonderheden. Ondervonden een weinig onnauwkeurig gericht afweervuur van zware batterijen. Er was geen bewolking boven doel, zicht 15 mijl, een weinig mistig.

Deelnemende Mitchells: FR 193 L, FR 195 R, FR 196 T, FR 176 P, FR 198 C, FR 167 V, FW 187 W, FR 156 Y, FW 258 G met Follie Bouma aan de stuurkolom, sergeant vlieger-waarnemer kpl. vl. schutter Tessers, kpl. vl. schutter zm W. A. H. Melissen. Starttijd 10.34 uur. Landing 12.34 uur.

Op 15 aug, was er een opdracht voor de Mitchells om een tanktransport te bombarderen. De code hiervoor was U 2040 - U 2041. Het doel was bij Caen, waar de 11 Mitchells te 18.25 uur waren, op een hoogte van 6000 feet. Er was 9/10 bewolking van 6000-12000 feet. Doel onzichtbaar. De formatie, bombardeerde niet en keerde terug en landde te 19.25 uur weer op Dunsfold. De FW 258 G werd toen gevlogen door serg. vl. Overwijn, O.Z.W.N. 3 Erwteman, dpl. sld. Mokkenstorm, kpl. vl. sch. Leuw. Verdere deelnemende Mitchells waren: FW 178 S, FR 189 F, FR 193 L, FR 186 B, FR 196 T, FR 195 R, FR 198 C, FR 156 Y, FR 167 V.

17 Aug. 1944. Operatie no. 195 Dunsfold. Opdracht: Bemanningen van 6 Mitchell-vliegtuigen werd opdracht gegeven om benzine-opslagplaats te Mailleraye-Sur-Seine te bombarderen. Resultaat verondersteld werd dat bommen te kort voor doel vielen, dwars over de Rivier de Seine. Bijzonderheden: Ondervonden middelsoortig nauwkeurig gericht afweervuur van zware batterijen, opkomend uit het gebied van Caude bec-en-Caux. Vliegtuig FR 186 B werd boven doel getroffen door een bom van een boven hem vliegende Mitchell, hierdoor werd driekwart deel van het stuurboordroer afgerukt, vliegtuig keerde behouden op basis terug. Boven doel 4 6/10 strats cu. bewolking 15/10 op 5000 feet. Deelnemende vliegtuigen: FR 161 O, FW 187 W, FW 970 K, FR 176 P, FR 186 B, FW 258 G, F. Bouma 1e luit.-vlieger, sergt.-waamemer H. J. H. Seelig, sergt.-vl.-tel. Anemaet, kp.-vl.-schutter R. Langendam. Start te 14.41 uur, Landing 17.06 uur.

Nacht van 17-18 aug. 1944. Operatie 196. Dunsfold.

Opdracht: De bemanningen van 9 Mitchell-vliegtuigen werd opgedragen Area. A (L 7118-L 9809) en Area B (L 8305-Q 8895) te bombarderen (Trouville Frankrijk). Resultaat: Kon niet worden waargenomen. Bijzonderheden: Ondervonden intensief onnauwkeurig gericht afweervuur van zware batterijen, opkomend ten zuiden van Trouville. Weersomstandigheden boven doel: zicht goed, werd daarna nevelig met 7/10 bewolking bij het einde van de aanval. Deelnemende vliegtuigen FW 178 S, FR 193 L, FR 189 F, FR 196 T, FR 195 R, FR 161 O, FW 187 W, FW 258 G, vlieger 1e luit. Follie Bouma, sergt-waarn. H. J. H. Seelig, sergt.-vl.-tel. Anemaet, kpl.-vl.-schutter R. Langendam. Starttijd 00.25.